CLient Library

Maak een onderscheid tussen sekse en gender


Sekse en gender zijn verschillende dingen. Sekse-kenmerken gaan over onze biologische achtergrond, de reproductieve organen waarmee we zijn geboren en de hormonen die we produceren. Gender gaat over ons gevoel man, vrouw of iets anders te zijn. Zowel sekse als gender zijn een spectrum en niet binair.




Sekse-kenmerken en puberteit zijn niet 'mannelijk' of 'vrouwelijk'


Seksekenmerken, zoals bijboorneeld chromosomen, hormonen, lichaamskenmerken en puberteit zijn niet 'mannelijk' of 'vrouwelijk'. - Het Y chromosoom is geen 'mannelijk' chromosoom. Ook vrouwen kunnen een Y chromosoom hebben. - Gebruik neutrale terminologie voor hormonen: androgenen, oestrogenen. Iedereen maakt deze hormonen aan, alleen in andere hoeveelheden. Ook onze lichamen reageren er anders op. - Lichaamskenmerken zoals beharing of stemhoogte bijvoorbeeld zijn ook niet mannelijk of vrouwelijk. Sommige mannen hebben weinig lichaamsbeharing en een hogere stem; sommige vrouwen hebben meer lichaamsbeharing en een lagere stem. - Ook puberteitservaringen zijn niet mannelijk of vrouwelijk, of dat ieder van ons 'man wordt' of 'vrouw wordt'. Leg uit over welke puberteitskenmerken het net gaat (bv meer lichaamsbeharing krijgen, maandstonden krijgen). Puberteit is ook niet altijd lineair en voelt niet voor iedereen hetzelfde aan. Leer jongeren over lichamen, lichaamsverschillen en sekse-diversiteit, zowel op een wetenschappelijk als cultureel maatschappelijk niveau, en probeer dat op een inclusieve manier te doen. Ga er niet van uit dat iedereen dezelfde ervaring heeft.




Vermijd het woord 'normaal'


'Normaal is een cyclus op een wasmachine'. Wat is een 'normale' jongen of meisje? Geen enkel lichaam ziet er hetzelfde uit, we verschillen allemaal van elkaar. Wil je als leraar aangeven dat iets frequenter voorkomt en dat het daarom vaak als norm wordt gebruikt? Zeg dat dan ook zo en generaliseer niet. Zeg niet 'álle jongens hebben XY chromosomen', maar 'de meeste jongens hebben XY chromosomen, en enkele jongens hebben XX of andere chromosomen'. Gebruik taal die jongeren het gevoel geeft dat ze gerespecteerd worden, en gezien worden. Vermijd in dat opzicht ook verouderde, foutieve en kwetsende termen, zoals hermafrodiet en interseksualiteit.




Leg geen druk op jongeren met een variatie in sekse-kenmerken


Verwacht niet dat jongeren met variaties in sekse-kenmerken voor hun variatie zullen uitkomen of er in de klas over willen praten. Leg geen druk op hen, maar creëer wel een klasomgeving waarin ze zich gerespecteerd en veilig voelen om open te zijn over hun variatie (moesten ze dat willen), zonder sociale exclusie te vrezen. Verwacht ook niet dat jongeren met een variatie in sekse-kenmerken andere jongeren of jou als leerkracht willen onderwijzen over dit thema, of persoonlijke ervaringen willen delen. Tenzij ze zich daar als vrijwilliger voor opgeven. is het jouw taak en verantwoordelikheid als leerkracht om je zelf over sekse-diversiteit en variaties in sekse-kenmerken te informeren en dat aan je klas over te brengen.




Lesmateriaal en sprekers


Er is momenteel weinig uitgebreid lesmateriaal over variaties in sekse-kenmerken in het Nederlands voorhanden, maar enkele lespakketten over gender en sekse hebben, zoals gender in de blender, hebben ook (nu wel verouderde) modules over intersekse lichamen. Deze educatieve pakketten zijn er in het algemeen ook op gericht om jongeren over lichaams- en gender normen te laten nadenken. Ook dit Engelstalig lespakket, met een uitgebreid onderdeel over intersekse, streeft dat doel na. Bekijk ook deze pagina met documentaires, video's en magazine artikels die in de klas kunnen gebruikt worden. Je kan ook een ervaringsdekundige of spreker met een persoonlijke ervaring van een variatie in sekse-kenmerken uitnodigen, om jullie als leerkrachten bij te staan. Je kan daarvoor contact opnemen met belangengroepen en je vraag ook richten naar lotgenoten verenigingen. Ga er niet van uit dat alle LGBT(I) verenigingen ook iets over het intersekse thema kunnen vertellen! Er is nog vaak veel verwarring ( en mythes) rond welke specifieke uitdagingen mensen met een variatie in sekse-kenmerken hebben, in vergelijking met transgenderpersonen bijvoorbeeld of holebi-personen. Ten slotte kan ook het uitnodigen van enthousiaste onderzoekers en/of zorgverleners discussie over dit thema in de klas op gang brengen. Interesse? Neem dan contact met ons op. Vraag zeker ook aan de leerlingen zelf hoe ze meer over het thema kunnen en willen bijleren. Volg dat ook op!